U bent hier

Pokerface!

In voorgaande blogs maakte ik al de vergelijking met ondernemen als schaakspel of als kaartspel. Met de eenmaking van het statuut van arbeiders en bedienden -verder geen commentaar- kwamen deze bedenkingen terug naar boven.

In eender welk managementboek staat te lezen dat vergaderingen en besprekingen niet te lang mogen duren. Naar verluidt hebben de werkgevers, syndicaten en bevoegde politici onlangs maar liefst 27 uur bij elkaar vertoefd om de grootste verschillen tussen arbeiders en bediendes weg te werken. Onmenselijk toch? En toch niets dan complimenten te lezen over de bemiddelende Monica en haar vrouwelijke compagnons. Ze moeten mekaar dan op een of andere manier toch wel graag zien.

Zouden diezelfde syndicaten het goedkeuren als ik met mijn eigen ondernemingsraad dergelijke marathonsessies zou organiseren? Goede werkomstandigheden, iemand? In hoeverre kan je nog alert zijn na dergelijk conclaaf? Karel heeft al wel een Ventoux beklommen, maar toch. En Rudy ziet er nu ook niet uit alsof hij de topatleet is. Maar genoeg hierover, het is te warm om in deze blije zomertijden tegen schenen te schoppen.

Onderhandelen is een vak. Ik herinner me een vakbondssecretaris die bulderde en schold. Vlammende ogen en een priemende vinger. Een halfuur later, na de vergadering, was hij oprecht geïnteresseerd in mijn petekindje. Hij beheerste zijn rol perfect. Ervaring noemen ze dat.

Om dan terug de vergelijking te maken met het kaartspel. Bij de grote pokertornooien zie je de vedetten allemaal met zonnebrillen, al dan niet met spiegelglazen. Pokerface! Zou dat geen ideetje zijn voor onze heren politici? Niet in je kaarten laten kijken. Niet laten merken hoe je het voorstel van de tegenpartij bekijkt. Het rock-'n-rollgehalte van onze verkozenen zou erop vooruit gaan. En je kan ongemerkt indommelen na een uur of 9 vergaderen. Of hebben onze heren politici zeer weinig geheimen voor elkaar? Kennen ze elkaars gewoontes en standpunten zo goed? Of gebruiken ze andere trucs? Herinner je de schootnota’s? Gelekte mails en dergelijke zijn volgens mijn bescheiden mening niet altijd te wijten aan onvoorzichtigheid of regelrechte domheid.

Quickie zie ik nog wel met een heavy metalbril aan de tafel verschijnen. Bij meneer Van Rompuy zie ik het nog niet direct gebeuren.

In ieder geval heeft deze bloggende medemens het niet zo op zonnebrillen. In deze zomertijden kan je quasi ongemerkt die beeldschone deerne gadeslaan zonder dat het opvalt, maar verder? Deze mens kijkt zijn gesprekspartner graag in de ogen. De ogen zijn de spiegel van de ziel nietwaar? Met een zonnebril komen mensen altijd wat strenger over, wat meer hautain ook. Een oogopslag zegt alles. Een glimlach kan je makkelijker faken met je mond dan met je ogen. Neemt niet weg, ik hoop dezer dagen nog heel wat zonnebrillen tegen te komen. Dat betekent dat het mooi weer is in de zomer, de tijd van buurtfeesten, barbecues, festivals en zwemvijvers. Er is meer in het leven dan werken, bloggen, onderhandelen en nog van dat. Die bbq bij de buren mag dus gerust 27 uur duren.